Hoe navigeer je in een wereld die snel verandert? Wat de ene dag een ‘state of the art’ techniek is, kan een paar maanden later alweer een ‘achterhaalde’ techniek zijn in de wereld van AI. Een technologische strategie moet daarom niet focussen op ‘de nieuwste techniek’, maar koers geven aan onderliggende principes. Dit artikel geeft hierop geen sluitend antwoord, maar wel een denkkader om je als (gemeentelijke) organisatie te positioneren.
Onzekerheid vs. Onbekendheid
Hoe AI zich verder ontwikkelt en wat de ‘winnende’ strategie gaat worden, is een grote onzekerheid. Dat betekent niet dat er niet al heel veel bekend is in het heden. Door ankerpunten te zoeken in historische kennis en beslissingen die al zijn genomen, krijgen richtinggevende uitspraken grond.
Wat is bekend?
Binnen de Nederlandse Digitaliseringsstrategie is AI aangemerkt als een van de zes prioriteiten. Gemeenten hebben via de VNG ingestemd met een collectieve aanpak van AI. Die twee werelden komen samen in het programma sAIdkick waar aan tastbare resultaten wordt gewerkt. Zo is er in september 2026 een overheidsbrede marktplaats voor generatieve AI-oplossingen opgericht. Oplossingen die op de ene plek zijn ontwikkeld, kunnen daar direct elders worden gebruikt. Deze marktplaats is nog niet publiekelijk toegankelijk. De onzekerheid zit in welke bouwblokken binnen nu en twee jaar beschikbaar komen en hoe goed elk bouwblok eenvoudig herbruikbaar is.
Daarnaast zien we enkele internationale trends die relevant zijn voor een AI-strategie. De brede discussie over ‘(Europese) soevereiniteit’. De grote investeringen die met name Amerikaanse techbedrijven doen in AI en die ondanks verhoogde abonnementsprijzen zogen voor grote verliezen op deze posten die op enig moment terugverdiend moeten gaan worden. En in het verlengde hiervan de sluitende dienstverlening (en bijkomend gebruiksgemak) die deze bedrijven proberen te bieden om zo’n groot mogelijke hap uit het ecosysteem te nemen, waardoor vendor lock-in op de loer ligt.
Twee assen
Met deze twee ‘zekerheden’, valt een kwadrantenmodel te maken die helpt bij het gesprek: waar staan we nu, waar willen we idealiter over 4 jaar staan, en welke stappen hebben we dan komend jaar te zetten om te bewegen (over de assen) naar onze ideale positie over 4 jaar.
Grofweg vallen de keuzes in te delen op de as van soevereiniteit en autonomie. Nu worden deze twee begrippen regelmatig door elkaar gebruikt en zit er een zekere overlap in. Om niet te vervallen in semantische discussies, maar het een praktisch denkkader te maken definieer ik de twee begrippen als volgt:
- Soevereiniteit; onder wiens recht en beheer vallen je data en infrastructuur? Kort door de bocht vertaald: onder EU-recht en jurisdictie.
- Autonomie; welke wendbaarheid heb ik om wanneer ik wil over te stappen naar andere leveranciers of technologische oplossingen? Ook weer kort door de bocht vertaald naar: hoe interoperabel is mijn oplossing.
Scenario-denken
Uiteraard zitten in dit soort (schijnbare) tegenstellingen vele nuances. Toch kan het helpen om te bepalen hoe eenieder in de wedstrijd zit. Gaan we bijvoorbeeld snel resultaten proberen te boeken met Copilot, omdat het al is geïntegreerd in de bestaande werkomgeving en we er veel verschillende type oplossingen mee kunnen ondersteunen binnen dit ecosysteem. Of vinden we flexibileit of soevereiniteit (op alles of bepaalde componenten) wenselijk of noodzakelijk? Het maakt het mogelijk om in scenario’s te denken voor komend jaar en de jaren erop. En invulling te geven binnen de kwadranten hoe dat er specifiek voor je organisatie eruit kan komen te zien en wat ervoor moet gebeuren.
Meer weten?
Voor meer informatie kun je contact opnemen met Tim van der Pol via de contactpagina. .
Dit artikel is een derde in een reeks over AI die denkkaders en handvatten meegeeft om als organisatie tot een werkende strategie voor AI te komen. AI en de verleiding van het experiment geeft de risico’s weer van het ongericht experimenteren. In Experimenteren in Samenhang worden handvatten gegeven om in samenhang naar experimenten te kijken.
