Auteursarchief: Marcel Lemmen

Samen Mentaal Sterk: digitale samenwerking als motor voor zorgvernieuwing

Lees het gehele artikel

Gemeenten in West‑Brabant Oost en Midden‑Brabant staan voor een stevige opgave: samen met ggz‑instellingen en huisartsen bouwen aan een nieuw, verbonden mentaal zorglandschap. Het transformatieplan Samen Mentaal Sterk brengt deze werelden bij elkaar en vraagt om duidelijke keuzes, slimme digitalisering en sterke procesregie.

Een gezamenlijke ambitie

De mentale gezondheid van inwoners staat volop in de aandacht. De druk op de ggz blijft hoog, huisartsen zien steeds meer psychische hulpvragen en gemeenten zoeken naar manieren om inwoners eerder en beter te ondersteunen. In West‑Brabant Oost en Midden‑Brabant wordt deze uitdaging gezamenlijk opgepakt binnen het transformatieplan Samen Mentaal Sterk.

Het plan richt zich op drie centrale doelen:

1. Vroegsignalering en preventie versterken

Door problemen eerder te herkennen en sneller passende ondersteuning te bieden, moet de druk op de gespecialiseerde ggz afnemen. Dat vraagt om nauwe samenwerking tussen het gemeentelijke sociaal domein, wijkteams, huisartsen en ggz‑aanbieders.

2. Passende ondersteuning op de juiste plek

Inwoners moeten niet verdwalen tussen loketten. De beweging is: één netwerk, één plan, één route. Gemeenten, huisartsen en ggz‑instellingen nemen gezamenlijk verantwoordelijkheid voor soepele doorstroom en duidelijke afspraken.

3. Digitalisering als versneller

Digitale hulpmiddelen moeten wachttijden verkorten, samenwerking verbeteren en inwoners meer regie geven. Denk aan digitale triage, sociale kaarten, e-health, veilige gegevensuitwisseling en regionale dashboards.

Drie werelden, drie logica’s

Hoewel alle partijen werken aan het welzijn van inwoners, doen ze dat vanuit verschillende perspectieven:

  • Ggz: specialistisch en privacygedreven
    Strikte wet‑ en regelgeving en behandelprotocollen maken informatie-uitwisseling gevoelig en complex.
  • Huisartsen: generalistisch en tijdgebonden
    Zij zijn het eerste aanspreekpunt, maar hebben beperkte tijd en zoeken naar snelle, betrouwbare verwijsmogelijkheden.
  • Gemeenten: breed en leefwereldgericht
    Met een focus op participatie en zelfredzaamheid werken gemeenten vanuit een andere taal, andere instrumenten en een wijkgerichte aanpak.

Juist die verschillen maken samenwerking uitdagend én noodzakelijk.

Digitalisering als bindmiddel

Digitalisering is een belangrijke pijler van het transformatieplan. Niet als doel op zich, maar als middel om sneller, slimmer en consistenter samen te werken. Belangrijke digitale bouwstenen zijn:

  • veilige gegevensuitwisseling;
  • digitale triage en toeleiding;
  • regionale dashboards voor inzicht in wachttijden en doorstroom;
  • digitale ondersteuning van casusregie en multidisciplinaire samenwerking.

Maar techniek alleen brengt geen verandering. Het vraagt om afspraken, governance, eigenaarschap en vertrouwen. Precies daar komt de ervaring en kennis in beeld van Telengy.

De rol van Telengy

Marcel Lemmen is strategisch regio-coördinator voor de gemeenten in West-Brabant Oost van waaruit hij gemeenten begeleidt en ondersteunt om hun rol te pakken en de samenwerking daadwerkelijk te laten werken. Tevens is hij lid van het kernteam Digitalisering. Hij zorgt ervoor dat gemeenten hun positie versterken in een domein dat traditioneel door zorgpartijen wordt gedomineerd. Samen met vertegenwoordigers van huisartsen en ggz‑instellingen adviseert hij de stuurgroep over de digitale koers. Als Telengy adviseur brengt hij daarbij vier belangrijke kwaliteiten in:

1. Vertalen tussen domeinen
Met kennis van het sociaal domein en zijn verdieping in de zorglogica helpt hij jargon te ontleden, belangen zichtbaar te maken en een gezamenlijke taal te ontwikkelen.

2. Structuur en procesregie
Van overlegstructuren tot werkprocessen en afspraken over gegevensdeling: hij bouwt mee aan het bouwen van een stabiele basis voor duurzame samenwerking.

3. Digitalisering praktisch maken
Gemeenten hebben vaak te maken met versnipperde ICT‑landschappen. Marcel ondersteunt bij het selecteren van digitale tools en het verbinden van ICT met de dagelijkse praktijk.

4. Gemeentelijke belangen borgen
Gemeenten zitten niet alleen aan tafel, maar hebben daadwerkelijk invloed op regionale keuzes, verantwoordelijkheden en monitoring. Marcel zorgt ervoor dat deze invloed omgezet in herkenbaarheid en inpasbaarheid in de gemeentelijke context.

Gedurende dit traject kan Marcel ook vertrouwen op het kennisnetwerk dat beschikbaar is binnen Telengy. Dit kan zijn om te sparren maar ook inzet in het veld. Zo is collega Tim van der Pol betrokken geraakt voor aanvullend en onafhankelijk advies op het informatielandschap binnen het sociaal domein om de specifieke aspecten van de gemeentelijke omgeving optimaal in te kunnen passen.

Samen verder bouwen

Het transformatieplan Samen Mentaal Sterk biedt een stevige basis om de mentale gezondheid van inwoners te versterken. Maar echte verandering ontstaat pas wanneer professionals elkaar begrijpen, vertrouwen en samen durven vernieuwen. Digitalisering kan daarbij een krachtige versneller zijn—mits goed georganiseerd. Marcel zorgt ervoor dat gemeenten hun rol pakken, de verbinding met zorgpartijen versterken en ambities omzetten in werkbare praktijk.

Meer weten

Marcel Lemmen denkt graag mee over de digitale en organisatorische uitdagingen binnen de regio. Neem contact op via de contactpagina om met hem in gesprek te gaan.

Een nieuwe bestuursperiode: hoe de ambtelijke organisatie de ambities in het sociaal domein uitvoerbaar maakt

Lees het gehele artikel

De verkiezingen zijn achter de rug, het nieuwe raads- of coalitieakkoord is (bijna) gepresenteerd, de nieuwe bestuursperiode gaat van start…. Hoe pakken we het aan?

Een nieuwe bestuursperiode voelt altijd een beetje als de eerste dag na de zomervakantie: het nieuwe college van B&W bruist van de plannen, de agenda’s zijn ambitieus en het gemeentehuis gonst van de energie. Met een nieuw raads- of coalitieakkoord én een stevig landelijk akkoord 2026–2030 ligt er veel op de borden van gemeenten. En dan vooral op dat van de ambtelijke organisaties, die al die mooie woorden moeten omzetten in merkbare verbeteringen voor inwoners.

De rol van de organisatie is in deze fase tweeledig: uitvoeren én adviseren. Het college bepaalt de koers, maar de ambtelijke organisatie zorgt dat die koers ook daadwerkelijk begaanbaar is en bij voorkeur zonder dat iemand onderweg in de modder vastloopt. Dat vraagt om vakmanschap, samenwerking en een steeds slimmere inzet van informatievoorziening en data.


Een sociale basis die dichtbij voelt

Veel colleges zetten in op sterke buurten: plekken waar mensen elkaar kennen, waar ondersteuning laagdrempelig is en waar problemen vroeg worden gesignaleerd. Voor inwoners betekent dat vooral dat hulp minder voelt als “de overheid” en meer als “iemand uit de buurt”.

Voor de ambtelijke organisatie betekent het dat gebiedsgericht werken de standaard wordt. Teams moeten elkaar makkelijk weten te vinden, informatie moet soepel kunnen stromen en de gemeente moet kunnen zien wat er in wijken speelt.

Datagedreven werken helpt daarbij. Denk aan wijkdashboards die laten zien hoe het staat met leefbaarheid, gezondheid en veiligheid. A.I. kan patronen herkennen—bijvoorbeeld bij vroegsignalering van kwetsbaarheid—mits zorgvuldig en transparant ingezet. Geen zwarte dozen, maar slimme hulpmiddelen.

Een jeugdketen die eenvoudiger wordt

Het landelijke akkoord zet de jeugdzorg enigszins op zijn kop: lichte hulp verschuift naar preventie en opvoedondersteuning, specialistische zorg blijft. Gemeenten moeten de puzzel opnieuw leggen. Voor ouders en jongeren moet het vooral overzichtelijker worden: één aanspreekpunt, minder doorverwijzingen, sneller duidelijkheid.

De ambtelijke organisatie speelt hierin een sleutelrol door samen met scholen, aanbieders en jongeren een helder ontwerp te maken van de nieuwe keten. Digitale ondersteuning is daarbij onmisbaar: inzicht in wachttijden, caseloads en goede registratiesystemen. A.I. kan professionals helpen dossiers samen te vatten of urgentie in te schatten—zodat er meer tijd overblijft voor het echte werk: mensen helpen.

Zorgzame buurten waar thuis wonen langer lukt

Veel colleges zetten in op woonzorgzones, nieuwe woonvormen en ondersteuning van mantelzorgers. De wijk wordt steeds meer een plek waar wonen, zorg en welzijn samenkomen.

Voor de ambtelijke organisatie betekent dit vooruitkijken: welke wijken vergrijzen, waar ontstaat zorgvraag, welke woningen zijn geschikt? Dat vraagt om goede data, slimme prognoses en samenwerking met corporaties en zorgaanbieders. A.I. kan helpen toekomstige zorgvraag te voorspellen of Wmo-aanvragen sneller en eerlijker te beoordelen—altijd met menselijke toetsing. Robots die besluiten nemen? Nee hoor, daar is niemand klaar voor.

Armoede en schulden: eenvoud en vertrouwen

Veel colleges willen armoede terugdringen en schulden sneller signaleren. Het landelijke akkoord vraagt om eenvoud en uniformiteit. Voor inwoners betekent dat: minder formulieren, minder stress, sneller duidelijkheid.

Voor de ambtelijke organisatie betekent het dat processen opnieuw moeten worden ingericht. Eén loket, één klantbeeld, één verhaal. Door signalen van betalingsachterstanden, schoolverzuim of zorgpremies slim te combineren, kan de gemeente eerder in gesprek. A.I. kan regelingen automatisch berekenen of brieven begrijpelijker maken—want niemand wordt blij van een brief die voelt als een cryptogram.

Integratie en participatie: meedoen vanaf dag één

Het landelijke akkoord introduceert meedoenbalies, taalonderwijs vanaf het begin en werk als onderdeel van integratie. Gemeenten worden de spil in deze aanpak.

Voor de ambtelijke organisatie betekent dit regie voeren: partners verbinden, voortgang monitoren en het college goed informeren. Digitale hulpmiddelen maken dit concreet: dashboards voor taal, werk en participatie, automatische vertaalhulpmiddelen en A.I. die helpt bij matching tussen statushouders en werkgevers.

Inwoners betrekken op een manier die werkt

Bestuurscultuur is geen bijzaak meer, maar een opdracht: eenvoud, vertrouwen en samenwerking. Inwoners moeten niet alleen mogen reageren, maar echt meedoen.

Voor de ambtelijke organisatie betekent dit dat participatie een manier van werken wordt. Digitale platforms helpen ideeën op te halen, A.I. kan grote hoeveelheden reacties analyseren en dashboards laten zien wat er met input gebeurt. Maar uiteindelijk blijft het mensenwerk: luisteren, terugkoppelen en zichtbaar maken.


Een nieuw collegeprogramma is altijd ambitieus. Het wordt uitvoerbaar als de ambtelijke organisatie vanaf het begin meedenkt, meerekent en meedoet. Door slim gebruik te maken van data, digitale ondersteuning en A.I., en door dichtbij inwoners te blijven ontstaat een gemeente die niet alleen plannen maakt, maar ze ook waarmaakt.

Wat in jouw gemeente nu het meest urgent is om als eerste op te pakken, hangt uiteraard af van de lokale context. Maar de basis is overal hetzelfde: samenwerken, vereenvoudigen en blijven kijken door de ogen van inwoners.

Meer weten?

Marcel Lemmen denkt graag met u mee. Neem contact op via de contactpagina om met hem in gesprek te gaan.

AZWA als versneller: wat drie jaar IZA ons heeft geleerd over echte zorgtransformatie 

Lees het gehele artikel

De afgelopen jaren hebben we met het Integraal Zorgakkoord (IZA) veel geleerd over samenwerken, schuren en volhouden. Het Aanvullend Zorg- en Welzijnakkoord (AZWA) bouwt daarop voort, maar vraagt om een bredere blik: niet alleen zorgpartijen, maar ook gemeenten, welzijnsorganisaties en de sociale basis moeten nu volwaardig meedoen. Dat maakt de opgave urgenter én complexer. Tegelijkertijd biedt het een kans om eindelijk de beweging te maken die in IZA steeds nét buiten bereik bleef. 

Hoe kan AZWA profiteren van drie jaar IZA-ervaring, waar het nog wringt en wat Den Haag en de VNG kunnen doen om de transformatie wél te laten landen. 

Eén opgave, nog meer logica’s

IZA bracht zorgverzekeraars, aanbieders en gemeenten al samen rond dezelfde opdracht: passende zorg, meer preventie en een houdbaar stelsel. AZWA verbreedt dat speelveld. De sociale basis, welzijn, onderwijs en soms zelfs sport en cultuur schuiven aan. Dat is logisch, want gezondheid ontstaat niet in de spreekkamer maar in het dagelijks leven. Maar met die verbreding komen ook extra logica’s aan tafel: 

  • Welzijnsorganisaties werken vanuit nabijheid en vertrouwen, vaak met beperkte middelen. 
  • Gemeenten balanceren tussen brede maatschappelijke opgaven en politieke realiteit. 
  • Zorgverzekeraars blijven sturen op doelmatigheid en contractcyclus. 
  • Aanbieders moeten vernieuwen terwijl personeelstekorten oplopen. 

AZWA vraagt om domeinoverstijgend samenwerken, maar de systemen zijn nog steeds sectoraal ingericht. Dat schuurt — en dat is precies wat we de afgelopen drie jaar hebben gezien. 

Wat IZA ons heeft geleerd?

De IZA-ervaring laat zien dat transformatie niet mislukt door onwil, maar door systeemspanning. Drie lessen springen eruit:

1. Meerjarige zekerheid is geen luxe, maar randvoorwaarde

Regio’s die vooruitkwamen, hadden meerjarige afspraken, gezamenlijke businesscases en gedeelde risico’s. Korte contractcycli bleken funest voor innovatie.

2. Kleine, slagvaardige regioteams maken het verschil

Niet de omvang, maar de focus en mandatering bepalen het tempo. Regio’s met een compact kernteam kwamen sneller tot uitvoering.

3. Harmonisatie van verantwoording werkt echt

Waar partijen één set indicatoren gebruikten, ontstond ruimte voor leren in plaats van afvinken. 

AZWA kan deze lessen direct toepassen — en moet dat ook, want de opgave is breder en de urgentie groter. 

Waar het nu wringt

De spanning zit op dezelfde plekken als bij IZA, maar scherper: 

  • Financiering: welzijn en preventie vallen onder andere geldstromen dan zorg. En waar die financiering beschikbaar is, is deze niet structureel en onzeker. 
  • Governance: meer partijen betekent meer onduidelijkheid over wie waarvoor aan de lat staat. 
  • Verantwoording: welzijnslogica botst met zorgindicatoren en KPI’s. 
  • Tempo: zorgpartijen werken in jaren, gemeenten in collegeperiodes, welzijn in weken. 

Regio’s kunnen veel oplossen, maar niet alles. Sommige knoppen zitten in Den Haag. 

Wat Den Haag nu moet doen

AZWA kan alleen slagen als het Rijk de randvoorwaarden creëert die IZA nooit volledig kreeg:

1. Structurele ruimte voor gezamenlijke bekostiging

Preventie, welzijn en zorg moeten niet concurreren, maar elkaar versterken.

2. Meerjarige financiering voor alle domeinen

Niet alleen voor zorg, maar ook voor welzijn en sociale basis.

3. Eenduidige landelijke prioriteiten

Regio’s hebben focus nodig. Minder ambities, meer richting.

4. Eén verantwoordingskader voor domeinoverstijgende samenwerking 

Geen optelsom van sectorale eisen, maar één regionale rapportage.

5. Heldere governance-afspraken

Wie heeft mandaat? Wie neemt besluiten? Wie draagt risico? Dit moet landelijk worden verhelderd. 

 De rol van de VNG: verbinder én versneller

De VNG kan spanning verminderen door: 

  • gemeenten te helpen met formats, handreikingen en voorbeelden; 
  • de gemeentelijke stem te versterken aan landelijke tafels; 
  • regionale samenwerking te ondersteunen met procesbegeleiding; 
  • preventie en sociale basis structureel te verankeren in AZWA-afspraken. 

Met AZWA krijgt de VNG een cruciale rol: zorgen dat gemeenten niet alleen meedoen, maar mede-eigenaar worden van de transformatie. 

Samen naar een stelsel dat wél werkt

Met het AZWA is een noodzakelijke verbreding geïntroduceerd. De afgelopen drie jaar hebben laten zien wat werkt, waar het schuurt en welke randvoorwaarden ontbreken. Als Den Haag die randvoorwaarden nu wél organiseert en de gemeenten en de VNG stevig positioneert, kan de transformatie eindelijk van papier naar praktijk. Dan wordt de tegenwind geen blokkade meer, maar een duwtje in de rug richting een stelsel dat gezondheid centraal zet — niet de schotten ertussen. 

Meer weten?

Marcel Lemmen denkt graag met u mee. Neem contact op via de contactpagina om met hem in gesprek te gaan.

 

 

Gemeenteraadsverkiezingen 2026: hoe houden we het sociaal domein in beweging?

Lees het gehele artikel

Elke vier jaar schuiven we weer aan voor hetzelfde ritueel: verkiezingen, uitslagenavond, coalitiegesprekken, nieuwe wethouders die hun weg zoeken… en ergens tussendoor een sociaal‑domeinmachine die soms even hapert. Terwijl de politiek druk onderhandelt, lijkt het sociaal domein soms op pauze te staan.

En dat is precies het domein waar pauze eigenlijk geen optie is. Gelukkig hoeft het niet zo te gaan. Met een beetje voorbereiding, structuur en nuchtere pragmatiek kun je veel voorkomen. En daar komen Telengy‑adviseurs goed van pas.

Waarom loopt het vast rond verkiezingen?

1. Coalitieonderhandelingen duren altijd langer dan je hoopt

Het is een beetje als een verbouwing: je begint optimistisch, maar ergens weet je dat het uitloopt. In die periode worden grote keuzes vaak even geparkeerd.

2. Nieuwe wethouders moeten landen

Iedereen die ooit een nieuwe baan begon, weet hoe het voelt: je zoekt de printer, de koffieautomaat en vooral overzicht. Voor wethouders in het sociaal domein is dat niet anders. Alleen zijn de dossiers iets omvangrijker dan een inwerkmapje.

3. De gemeentelijke organisatie wacht op richting

Ambtenaren zijn professionals, maar ook mensen. En mensen houden niet van gokken. Dus als de politieke wind even onduidelijk is, wordt er vaak voorzichtig gevaren.

4. Partners in het veld voelen de rimpelingen

Zorgaanbieders, welzijnsorganisaties en vrijwilligersnetwerken merken het direct als gemeenten minder duidelijk communiceren. En onzekerheid is zelden een goede basis voor samenwerking.

Wat staat er op het spel?

  • Vertraagde vernieuwing: projecten die al maanden in de steigers staan, blijven ineens hangen.
  • Verlies van samenhang: juist in het sociaal domein is alles met elkaar verbonden. Als één onderdeel stokt, voelt de rest dat meteen.
  • Financiële risico’s: uitstelgedrag is zelden goedkoop. Soms worden contracten automatisch verlengd of blijven kansen voor doelmatigheid liggen.
  • Onrust bij inwoners en partners: mensen die ondersteuning nodig hebben, kunnen niet wachten tot de politiek is uitgepraat.

Hoe houd je het in beweging?

Gelukkig is stilstand geen natuurwet. Maar hoe werk je om de bestuurlijke dynamiek heen en breng je beweging in een gemeentelijke organisatie die even op de rem trapt. Hieronder een vijftal tips om soepel de verkiezingsperiode door te komen:

1. Een uitvoeringsagenda die verkiezingsproof is

Geen dikke beleidsstukken, maar een praktische agenda die:

  • politiek neutraal is;
  • concreet genoeg om door te gaan;
  • flexibel genoeg om aan te passen;
  • gebaseerd is op wat móét en wat al loopt.

Zo blijft het sociaal domein draaien, ook als de politieke kaarten opnieuw worden geschud.

2. Een overdracht waar nieuwe bestuurders echt iets aan hebben

Nieuwe wethouders hebben geen behoefte aan een document van 200 pagina’s dat begint met “In 2015 is de Jeugdwet ingevoerd…”. Ze willen overzicht, risico’s, kansen en vooral: wat moet nú?

Zorg voor:

  • heldere dossiers;
  • compacte dashboards;
  • begrijpelijke samenvattingen van complexe thema’s.

Zodat nieuwe bestuurders niet eerst drie maanden hoeven te acclimatiseren.

3. Ambtelijke teams begeleiden in een politiek vacuüm

Als de politiek even stilstaat, hoeft de organisatie dat niet te doen. De organisatie kan eventueel met externe ondersteuning:

  • programmasturing bieden;
  • prioriteiten bewaken;
  • besluitvorming voorbereiden;
  • teams helpen binnen hun mandaat te blijven handelen.

Zo blijft het sociaal domein in beweging zonder dat er politieke grenzen worden overschreden.

4. Partners geruststellen en verbinden

Het sociaal domein draait op samenwerking. En samenwerking draait op vertrouwen. Zorg:

  • communicatie met partners te stroomlijnen;
  • tijdelijke afspraken te faciliteren;
  • gezamenlijke planningen te bewaken.

Dat voorkomt onrust en houdt de energie in het netwerk.

5. Scenario’s klaarzetten voor het nieuwe college

Zodra de contouren van een coalitie zichtbaar worden, start met het opstellen van scenario’s voor het college op het gebied van o.a.:

  • financiële doorrekeningen;
  • uitvoerbaarheidstoetsen;
  • quick wins voor de eerste 100 dagen.

Zodat het nieuwe college niet begint met achterstallig onderhoud, maar met een vliegende start.

Tot slot: verkiezingen zijn geen excuus voor stilstand

De verkiezingen van 2026 brengen beweging, rumoer en soms wat vertraging. Maar met de juiste voorbereiding en begeleiding kan het sociaal domein gewoon doorgaan. Sterker nog: het kan een kans zijn om zaken scherper te organiseren. Zet daarbij een mix in van bestuurlijke sensitiviteit, humor, nuchterheid en uitvoeringskracht die nodig is om deze periode soepel door te komen.

Meer weten?

Marcel Lemmen denkt graag met u mee. Neem contact op via de contactpagina om met hem in gesprek te gaan.

Vrees voor extra druk op het sociaal domein? Het AZWA biedt juist perspectief

Lees het gehele artikel

Met de komst van het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA) vragen gemeenten zich af of er opnieuw meer werk bij komt zonder voldoende middelen? Die zorg is begrijpelijk — zeker met de ervaringen uit 2015 nog vers in het geheugen — maar niet per se terecht. Mits het AZWA goed wordt begrepen én toegepast, biedt het juist kansen.

Terug naar 2015: decentralisatie met haken en ogen

In 2015 kregen gemeenten via de Jeugdwet, Wmo en Participatiewet de regie over een groot deel van het sociaal domein. Hoewel dit werd gepresenteerd als een kans voor lokaal maatwerk, ging het gepaard met forse bezuinigingen en beperkte voorbereidingstijd. Gemeenten moesten complexe taken uitvoeren met minder middelen. Het gevolg: versnippering, bureaucratie en lange wachtlijsten. De aandacht verschoof van maatschappelijke impact naar systeemdruk en verantwoording.

AZWA: een andere insteek

Tien jaar later is de aanpak anders. Het AZWA is geen overdracht van taken, maar een uitnodiging tot transformatie. Gemeenten worden niet alleen uitvoerders, maar regisseurs van gezondheid en welzijn. De focus ligt op samenwerking over domeinen heen, op preventie en op het versterken van basisvoorzieningen zoals vroegsignalering en integrale ondersteuning.

Hoewel de financiële dekking nog niet helder is, biedt het akkoord meer beleidsvrijheid en ruimte voor lokaal maatwerk. Gemeenten hoeven niet méér te doen, maar ánders. Door te sturen op maatschappelijke waarde in plaats van systeemdruk, kunnen middelen effectiever worden ingezet.

Wat zijn de kansen?

Wanneer gemeenten de bedoeling van het AZWA omarmen, ontstaan er concrete mogelijkheden:

  • Meer regie: Gemeenten krijgen een centrale rol in het verbinden van zorg, welzijn, werk en wonen.
  • Flexibiliteit voor maatwerk: Het akkoord biedt ruimte om lokaal invulling te geven aan basisvoorzieningen.
  • Slimme samenwerking: Door goed af te stemmen met zorgverzekeraars, huisartsen en welzijnsorganisaties kunnen middelen worden gedeeld en dubbel werk worden voorkomen.
  • Versterking van preventie: Investeren in gezondheid loont — ook financieel. Een preventieve aanpak leidt tot minder dure zorg op de lange termijn.

Van terughoudendheid naar beweging

De sleutel ligt in het loslaten van oude structuren en het omarmen van de bedoeling: passende zorg en ondersteuning, dichtbij en samen met de inwoner. Dat vraagt om bestuurlijke én ambtelijke lef, en om vertrouwen in het eigen vermogen van gemeenten om regie te voeren.

Kortom: waar de decentralisatie van 2015 vooral draaide om overdracht van taken en budgetten, biedt het AZWA een kans om het sociaal domein toekomstbestendig te maken. Wie blijft denken in termen van systeemdruk en geld, ziet vooral risico’s. Maar wie stuurt op impact en samenwerking, ziet vooral kansen. En een gezonde financiële basis? Die volgt dan vanzelf.

Meer weten?

Marcel Lemmen denkt graag met u mee. Neem contact op via de contactpagina om met hem in gesprek te gaan.

Zonder goede informatievoorziening geen goede zorg

Lees het gehele artikel

Toen in 2022 het Integraal Zorgakkoord (IZA) werd beklonken, was bestuurlijk Nederland in haar nopjes. Eindelijk een gezamenlijke koers om de zorg betaalbaar, toegankelijk én toekomstbestendig te maken. Inmiddels zijn we drie jaar verder en is het tijd om de mooie plannen van papier naar de praktijk te brengen. Met het Aanvullend Zorg en WelzijnsAkkoord (AZWA) erbij, is de lat nóg hoger gelegd. Maar er is één cruciale hobbel die we niet langer kunnen negeren: de digitale informatievoorziening.

De wil om samen te werken wordt belemmerd door de huidige systemen

Want laten we eerlijk zijn: wie droomt er niet van een zorgketen die soepel loopt als een Zwitsers horloge? Waar huisartsen, wijkverpleegkundigen en gemeentelijke professionals moeiteloos samenwerken, met ondersteuning van slimme systemen die informatie razendsnel en veilig uitwisselen. Helaas, de realiteit lijkt eerder op een bord spaghetti: verouderde software, losse systemen, handmatig overtypen en eindeloze e-mails. Geen wonder dat de zorg hapert.

En dan hebben we het nog niet gehad over privacy. Gegevens over gezondheid en welzijn zijn gevoelig, en terecht goed beschermd. Maar de regels zijn soms zo streng dat ze samenwerking eerder frustreren dan faciliteren. Gemeenten moeten balanceren tussen wettelijke kaders en de wens om inwoners écht integraal te ondersteunen. Dat vraagt om digitale oplossingen die niet alleen veilig zijn, maar ook werkbaar. En daar wringt het: niet elke organisatie heeft de kennis of middelen om zulke systemen op te tuigen.

Gelijke informatiepositie

Ook de regie ligt onder vuur. Gemeenten willen meebeslissen over de transformatie van zorg naar gezondheid, maar zonder actuele en betrouwbare data is sturen als varen zonder kompas. In de samenwerking met grote zorgverzekeraars en aanbieders dreigt de gemeente het onderspit te delven. Gelijke informatiepositie is geen luxe, maar noodzaak.

En dan is er nog de menselijke kant. Digitale middelen zoals e-health en AI zijn fantastisch, maar ze mogen geen extra last worden voor zorgprofessionals. En ze moeten álle inwoners bereiken, ook wie minder digitaal vaardig is. Inclusiviteit is geen bijzaak, maar hoofdzaak.

IZA en AZWA zijn niet slechts goede bedoelingen

Kortom: het IZA en AZWA zijn ambitieus, en terecht. Maar zonder stevige digitale fundamenten blijft de zorg steken in goede bedoelingen. Het is tijd voor actie. En die begint bij het direct betrekken van informatiedeskundigen bij elk nieuw initiatief. Niet achteraf, maar vanaf het begin. Zo voorkomen we frustrerende systeemdiscussies, verhogen we de efficiëntie en besparen we kostbare tijd.

Want echte samenwerking in de zorg vraagt niet alleen om mensen die elkaar vinden, maar ook om systemen die elkaar begrijpen. Laten we die digitale brug nú bouwen. 

Meer weten?

Marcel Lemmen denkt graag met u mee. Neem contact op via de contactpagina om met hem in gesprek te gaan.

Even voorstellen… Marcel Lemmen

Lees het gehele artikel

Hallo, ik ben Marcel en vanaf 25 augustus 2025 ben ik na een afwezigheid van 7 jaar als adviseur / overheidsprofessional weer terug bij Telengy.

In mijn werkzame leven is de rode draad de aanwezigheid in en passie voor het openbaar bestuur en de publieke zaak. Rollen die ik hierbij heb bekleed zijn verbinder, adviseur en manager / bestuurder.

Ik voel me thuis in situaties waar verandering, dilemma’s, inhoud en mensen samenkomen. Of dat nu is in het sociaal, maatschappelijk of zorgdomein, op afdelingen of binnen de informatie- of procesorganisatie. Mijn drive ligt in het neerzetten van resultaten van en door mensen waarbij een tastbaar maatschappelijke meerwaarde wordt gecreëerd.

In mijn eerste nieuwe opdracht bij de gemeente Breda kan ik hiermee direct aan de slag. Als senior adviseur Integraal Zorgakkoord is mij gevraagd om de gemeente en subregio te vertegenwoordigen en de doelen en ambities van het regionale zorgakkoord te borgen. Tevens zal ik inhoudelijke projecten op het gebied van mentale gezondheid en leefstijl mede vormgeven.

Bij Telengy wil ik in samenwerking met mijn collega’s en opdrachtgevers mijn ervaring, kennis en kunde aanwenden bij het streven naar een continu verbeterende en excellerende overheid.

Meer weten?

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Marcel Lemmen, adviseur bij Telengy, via de contactpagina.